Standpunt borstzelfonderzoek
Al lange tijd staat zelfonderzoek van de borst bekend als de meest voor de hand liggende eerste stap bij het screenen van borstkanker. Naast wetenschappelijk onderzoek naar het wel en wee hiervan, heeft zelfonderzoek ook een empirische component. Dit document geeft een weergaven van beide componenten, op basis waarvan het standpunt van BVN ten aanzien van zelfonderzoek wordt gemotiveerd en geformuleerd.
Wetenschappelijke achtergrond
De effectiviteit van zelfonderzoek met betrekking tot borstkanker is pas recent wetenschappelijk onderzocht. De resultaten van het eerste gerandomiseerde en gecontroleerde onderzoek dat is uitgevoerd in Shanghai werden in 1997 gepubliceerd. Voor dit onderzoek uit Shanghai werden 267.040 vrouwen op willekeurige wijze opgedeeld in een instructiegroep en een controlegroep van gelijke omvang.
De vrouwen in de instructiegroep kregen uitgebreide instructie met betrekking tot de uitvoering van borstonderzoek bij zichzelf, dit onder andere met behulp van siliconen borstmodellen en persoonlijk onderricht. Bovendien kregen de vrouwen in de instructiegroep twee opeenvolgende herhalingssessies en ontvingen zij verscheidene herinneringsoproepen om de techniek te oefenen.
Vrouwen uit de controlegroep echter werden verzocht deel te nemen aan heel andere trainingen - namelijk ter voorkoming van pijn in de onderrug. Alle vrouwen uit beide groepen werden vervolgens gevolgd met betrekking tot zowel (1) de ontwikkeling van borstaandoeningen als (2) het overlijden als gevolg van borstkanker.
Binnen de twee groepen werd ruwweg hetzelfde aantal gevallen van borstkanker vastgesteld: 331 in de instructiegroep en 322 in de controlegroep. De gevallen van borstkanker in de instructiegroep werden niet in een duidelijk vroeger stadium vastgesteld dan dat in de controlegroep werd gedaan. Voorts bleken de sterftecijfers als gevolg van borstkanker in beide groepen gelijk.
Opvallend was dat er zelfs een nadeel verbonden bleek te zijn aan het uitvoeren van zelfonderzoek. Bij vrouwen uit de instructiegroep kwamen aanmerkelijk meer goedaardige aandoeningen voor dan dat in de controlegroep het geval was: 1457 versus 623. Dit houdt in niet alleen in dat zelfonderzoek geen meerwaarde had voor de controlegroep, maar ook dat meer vrouwen uit de instructiegroep biopsies moesten ondergaan dan vrouwen uit de controlegroep.
Naast dit onderzoek uit Shanghai is er slechts een alternatief voorhanden. Het enige andere vergelijkbare onderzoek werd gepubliceerd in Sint Petersburg in 2004 en betreft een soortgelijk stuk research dat werd uitgevoerd tussen 1983 en 2003 bij circa 200.000 vrouwen. De resultaten van het onderzoek uit Rusland zijn dezelfde als de conclusies uit China. Beide onderzoeken leiden tot dezelfde conclusie: zelfonderzoek leidt niet tot verlaging van het sterftecijfer van borstkanker. Tegen de tijd dat een tumor wordt vastgesteld is deze reeds zodanig lang aanwezig dat het niet werkelijk uitmaakt of de tumor deze maand, volgende maand of volgend kwartaal wordt vastgesteld.
Praktijkachtergrond
Tegen deze achtergrond rijst snel de vraag: "Wat zijn dan de argumenten voor het uitvoeren van zelfonderzoek"? Hierop zijn verschillende antwoorden. Ten eerste is er geen alternatief voor zelfonderzoek beschikbaar - zeker niet voor jongere vrouwen voor wie een mammografie geen goede optie is.
Ten tweede is zelfonderzoek voor sommige vrouwen een middel dat hen een beter gevoel van controle over hun lichaam geeft. Voor deze groep is het een uitstekend hulpmiddel, zolang deze vrouwen begrijpen dat het plegen van zelfonderzoek een psychologisch effect behelst en het vermoedelijk geen verschil zal maken voor hun fysieke gezondheid.
Ten derde ontdekt ongeveer 90% van de vrouwen zelf de borstkanker. Dit door een voelbare knobbel, een verandering van de borst, een ingetrokken tepel of andere zichtbare uitingen.
Het is van belang dat een vrouw die veranderingen opmerkt, ze interpreteert en hiermee naar de huisarts gaat. 'Ken uw lichaam' is het devies dat de BVN zou moeten uitdragen. Daarentegen kan de actieve boodschap 'doe aan borstonderzoek' leiden tot schuld bij die vrouwen die niet iedere maand de eigen borsten onderzoeken. Vrouwen zouden zo immers debet aan hun eigen ongezondheid kunnen zijn. De angst iets te voelen, evenals de beoordeling van kleine oneffenheden, maakt het borstzelfonderzoek een beladen instrument.
Conclusie en standpunt
Zelfonderzoek is een middel dat vooral psychologische voordelen met zich mee kan brengen, maar waarvoor dit niet noodzakelijkerwijs het geval is. Een wetenschappelijk onderbouwd pleidooi voor de verrichting van zelfonderzoek ontbreekt. De BVN zou zich daarom moeten richten op de educatie en niet promotie van het uitvoeren van zelfonderzoek ter preventie van borstkanker. Vrouwen die aangeven graag zelfonderzoek te willen uitvoeren, moeten toegang hebben tot materiaal dat hen kan helpen bij correcte uitvoering.
De BVN kan hierin een zinvolle rol vervullen door bijvoorbeeld:
- Een instructiepagina aangaande zelfonderzoek op http://www.borstkanker.nl/ te plaatsen. De welbekende ‘badkamerkaart' kan dienen als instructiemateriaal voor die vrouwen die daarom vragen;
- Een informatiefolder over uiterlijke kenmerken van borstkanker met geleiding over wanneer naar de huisarts te gaan;
- Uitdragen van de 'Ken uw lichaam'-boodschap in de media en ondersteuning verlenen rondom de publicatie van artikelen en andere media-uitingen met betrekking tot zelfonderzoek.
Bronnen
- American Cancer Institute
http://www.cancer.org/docroot/home/index.asp - National Cancer Institute
http://www.nci.nih.gov/ - Interviews:
- Dr. Joann G. Elmore, M.D., M.P.H, Section Head, Division of General Internal Medicine, Harborview Medical Center, Seattle;
- Dr. Harry de Koning, epidimioloog, Erasmus Universiteit, Rotterdam;
- Prof. dr. Floor van Leeuwen, hoofd afdeling epidiomiologie VU Ziekenhuis en hoogleraar geneeskunde Vrije Universiteit, Amsterdam
- Dr. Emiel Rutgers, oncologisch chirurg, Anthoni van Leeuwenhoek Ziekenhuis, Amsterdam.
Reageren
Let op: je reactie wordt onderaan deze pagina gepubliceerd.
Wil je een vraag stellen, gebruik dan het "Stel je vraag"-formulier. Je vindt dit formulier rechts bovenaan deze pagina.




Reacties
Schrijf een reactieEr zijn nog geen reacties op deze pagina.