Risicofactoren
Niet alle oorzaken van borstkanker kunnen worden verklaard. De kans om borstkanker te krijgen is voor een ‘doorsnee’ vrouw ongeveer 12 à 13 procent: een op de acht vrouwen krijgt ooit in haar leven borstkanker. Maar er zijn persoonlijke factoren die invloed hebben op de kans (percentueel) dat iemand borstkanker krijgt.
Dat zijn:
- aanleg en erfelijkheid;
- een eerdere goed- of kwaadaardige borstaandoening;
- hormonen.
Er zijn studies beschikbaar die een negatieve invloed verklaren door:
- voeding, lichaamsgewicht en beweging;
- alcohol;
- roken.
Regelmatig duiken er in de media berichten op die wetenschappelijk (nog) niet onderbouwd zijn:
- deodorant;
- zonnebrand;
- beugelbeha's;
- persoonlijkheid;
- dicht borstklierweefsel.
Aanleg en erfelijkheid
Bij 5 tot 10 procent van de vrouwen die borstkanker krijgen speelt erfelijkheid een rol. Het gaat dan om ongeveer 650 vrouwen per jaar. De volgende factoren kunnen erop wijzen dat erfelijkheid een rol speelt:
- borstkanker op jonge leeftijd (onder de 40 jaar);
- borstkanker of eierstokkanker in de familie;
- een mannelijk familielid met borstkanker;
- borstkanker in beide borsten, ook zonder dat het in de familie voorkomt.
Als een van deze factoren voorkomt in jouw situatie, is het altijd aan te raden om een erfelijkheidsonderzoek aan te vragen via de huisarts.
Een eerdere borstaandoening
Vrouwen die al een keer borstkanker hebben gehad, hebben een drie- tot viermaal verhoogde kans op kanker in de andere borst. Bij 15 à 20 procent van de vrouwen, die van borstkanker genezen, ontstaat binnen twintig jaar voor de tweede keer borstkanker. Goedaardige borstaandoeningen verhogen de kans op een kwaadaardige aandoening met een factor twee á drie. Dit geldt niet voor de goedaardige aandoening fibroadenoom.
Hormonen
De vrouwelijke geslachtshormonen oestrogeen en progesteron beïnvloeden de ontwikkeling van borstkanker. Daarbij geldt in grote lijnen: hoe langer borsten blootgesteld zijn aan deze hormonen, hoe groter de kans op borstkanker. Andersom geldt: hoe korter de periode van oestrogeenproductie door de eierstokken en hoe eerder dit is onderbroken, hoe kleiner het risico van het ontwikkelen van borstkanker. Zodoende is er een verhoogde kans op borstkanker voor vrouwen die:
- vroeg menstrueerden (voor hun 12e jaar), vooral in combinatie met een late overgang (na het 55e jaar);
- nooit, of pas na hun 35e jaar, een zwangerschap hebben voldragen, hebben een gelijke kans op borstkanker als vrouwen die geen kinderen hebben gekregen;
- de anticonceptiepil slikken;
- hormoonpreparaten gebruiken tegen overgangsklachten.
De kans op borstkanker wordt verlaagd wanneer een vrouw:
- laat begon te menstrueren, vooral in combinatie met een vroege overgang;
- op jonge leeftijd zwanger is geworden;
- meer zwangerschappen heeft doorgemaakt;
- langer borstvoeding heeft gegeven; elk jaar borstvoeding verlaagt de kans met vier procent.
Lees meer over hormonen.
Voeding
Het precieze verband tussen voeding en kanker is nog niet duidelijk. Verbanden die zijn gevonden, gingen vooral om andere vormen van kanker (bijvoorbeeld darm- of maagkanker).
Lichaamsgewicht
Lichaamsgewicht speelt wel een duidelijke rol. Vetweefsel bevordert de aanmaak van oestrogeen. Bij een BMI van 25 of hoger neemt het risico op borstkanker met 30-40 procent toe. Vrouwen hebben in dat geval na de overgang 14,5 procent kans op borstkanker, in plaats van de reguliere 12 à 13 procent.
Er zijn aanwijzingen dat overgewicht ook een negatief effect heeft op de prognose van vrouwen die al borstkanker hebben of hadden. Als zij na de diagnose en behandeling sterk aankomen, zou hun prognose verslechteren.
Beweging
Beweging werkt preventief. Regelmatige lichaamsbeweging vermindert de kans op borstkanker. Elk uur extra lichaamsbeweging per week zou de kans op borstkanker verlagen met 3 tot 8 procent. Bij vijf uur lichaamsbeweging per week zou je dus ongeveer 20 procent minder kans hebben op het krijgen van borstkanker. Dit is 8,8 procent in plaats van 12 à 13 procent.
Alcohol
Wie drie of meer glazen alcohol per dag drinkt, heeft 30 procent meer kans op borstkanker. Dat is een kans van 14 procent in plaats van 12 à 13 procent. Alcohol beïnvloedt de hormoonhuishouding. Het maakt niet uit welk soort alcoholhoudende drank er gedronken wordt.
Roken
Roken is nadelig. Vrouwen die binnen vijf jaar na het begin van de menstruatie zijn gaan roken, hebben bijna tweemaal zo veel kans op borstkanker als gemiddeld. Dat blijkt uit een onderzoek dat in 2002 werd gepubliceerd in het tijdschrift The Lancet. Het gaat hierbij om vrouwen die een flink aantal jaren minstens twintig sigaretten per dag hebben gerookt.
Deodorant en anti-transpirant
In de media verschijnen vaak berichten waarin wordt gezegd dat bestanddelen als parabenen en aluminium chloorhydraat, schadelijk zijn en zelfs borstkanker (kunnen) veroorzaken. Het is zeer onwaarschijnlijk dat de stof aluminium chloorhydraat of parabenen, die op de huid wordt aangebracht, het borstweefsel kunnen bereiken. Bovendien bevat nog geen 5 procent van alle deodorants parabenen. Een verband tussen deze stoffen en borstkanker is niet aangetoond.
Zonnebrandcrème en -olie
Er is geen verband aangetoond tussen middelen tegen zonnebrand en borstkanker. Er is geen reden om af te zien van het gebruik van deze middelen, die juist beschermen tegen huidkanker.
Beugelbeha's
Er is geen verband tussen het dragen van beugelbeha's en het krijgen van borstkanker. Deze beha's worden wel eens afgeraden ná een borstoperatie, omdat zij de afvoer van lymfevocht kunnen belemmeren.
Kanker en persoonlijkheid
Er is veel onderzoek verricht naar verbanden tussen kanker en psychosociale factoren: persoonlijkheid, levensomstandigheden, het niet uiten van emoties. Hier zijn geen verbanden gevonden.
Dicht borstklierweefsel
Omdat borstkanker in klierweefsel kan ontstaan, betekent de aanwezigheid van meer klierweefsel, een grotere kans op kanker. Ook maakt dergelijk weefsel het interpreteren van een mammografie moeilijker, omdat het door de hoge dichtheid wit oplicht op de foto net als een tumor. Er kan zo gemakkelijker iets over het hoofd gezien worden. Soms wordt er dan ook een MRI-scan gemaakt.
Lees meer over dicht borstklierweefsel.
- dicht borstklierweefsel
- dicht borstklierweefsel
- dicht borstklierweefsel
Reageren
Let op: je reactie wordt onderaan deze pagina gepubliceerd.
Wil je een vraag stellen, gebruik dan het "Stel je vraag"-formulier. Je vindt dit formulier rechts bovenaan deze pagina.





Reacties
Schrijf een reactieEr zijn nog geen reacties op deze pagina.